No guts no glory...

No guts no glory...
05-12-2017 16:37

Meestal voel ik precies op welk moment ik kan ingrijpen. Wanneer ik tijdens een debat iemand kan onderbreken, vragen of hij of zij wil afronden, soms zelfs ‘terugplaatsen in z’n hok’. Dat is wel eens nodig, en dat is ook mijn rol: het gesprek leiden, een debat sturen, mensen tot hun recht laten komen en anderen ‘dimmen’.

 

Tijdens debatten over belangrijke - vaak maatschappelijke - onderwerpen, die ik regelmatig mag leiden, moet ik de touwtjes goed in handen houden. Er nemen meestal veel belanghebbenden aan deel; en soms, met verschillende belangen op het spel, laaien dan de emoties op. Als dagvoorzitter beweeg ik daar behoedzaam tussendoor; alsof ik in een zee zwem, waar sommige dieren elkaar te lijf gaan en andere zich proberen te verschuilen voor dat geweld. Ik probeer ze tevoorschijn te laten komen, ze uit te lokken en te betrekken. En de vechters soms uit elkaar te halen. Dat is spannend.

 

Ik moet voorzichtig laveren, maar ook de regie houden en ingrijpen als dat nodig is. Soms in een split second – bijna zonder erbij na te denken - een keuze maken om iets te doen of te zeggen, want no guts no glory. In de meeste gevallen gaat dat goed; maar ik kan me een keer herinneren dat het minder goed uitpakte. Dat bleek later.

 

Ik leidde een serie debatten; pittige bijeenkomsten over een onderwerp dat de samenleving raakte. Mijn publiek bestond uit wetenschappers, vertegenwoordigers van belangengroepen, burgers, politici, mensen uit het bedrijfsleven. Allemaal meer dan ingevoerd in het onderwerp, zeer betrokken, goed van de tongriem gesneden, enthousiaste mensen. We hadden een interactieve opzet gekozen: het programma gedurende de avonden was helemaal geënt op discussie en debat, om uit te komen op uitkomsten en antwoorden op vragen. Ik had wetenschappers op het podium die met elkaar in gesprek gingen. De zaal kwam veelvuldig aan het woord, er waren kenners die hun menig gaven over het onderwerp, tussendoor was er muziek, het bruiste! En gaandeweg werden de deelnemers steeds enthousiaster, we kregen het gevoel dat we samen echt iets bereikten.

 

Tijdens de laatste avond hing een soort euforie in de lucht. We gingen naar een eindconclusie toe. Voor het slotdebat hadden we een hooggeplaatste Europese vertegenwoordiger uitgenodigd, een gast die de ruimte moest krijgen. En die gaf ik hem natuurlijk ook. Maar ik moest ook rekening houden met de anderen, met grote namen uit politiek en wetenschap, die een podium moesten krijgen; het was een kunst om een goed evenwicht te vinden. En in mijn gevoel lukte dat ook. Ik was blij, had op de toppen van mijn kunnen geacteerd, want gewaagd blijven aan een dergelijk publiek, met zoveel partijen, vraagt voortdurende oplettendheid.

 

Toen, in die euforie, in the heat of the moment, permitteerde ik me een grapje te maken over wat er nog te doen was voordat de conclusie op papier kwam. Het was in de aanloop naar de afronding en ik reageerde misschien wat overmoedig door mijn blijdschap te uiten in een grap. Dat bleek geen gelukkige keuze. Want de opdrachtgever was helemaal niet blij geweest met mijn opmerking, wist iemand uit zijn omgeving mij al snel na afloop te vertellen. Het was een klap in m’n gezicht: ik was zo open op dat moment, opgetogen over het succes, want dat was het - werkelijk iedereen toonde zijn tevredenheid, ze waren onder de indruk van inhoud en het resultaat van de reeks debatten, maar ook van mijn aandeel daarin. Op een dergelijke feedback had ik totaal niet gerekend. Een fantastische reeks sloot af met een domper, door één minder goed ontvangen opmerking. Wat kon ik doen? Ik heb excuses gemaakt, waarbij ik merkte dat mijn opdrachtgever niet verwachtte dat zijn opmerking bij mij terechtgekomen was. Hij wuifde het, enigszins gegeneerd, weg. Toch was ik van m’n stuk, het voelde als een kater. Dankzij wijze woorden van mijn partner kon ik het later relativeren. Ik moest het niet groter maken dan het was, want alles wat aandacht krijgt, groeit.

 

Eigenlijk was het niet meer geweest dan een storm in een glas water.

reacties  0 reacties reageren