In ‘resttextiel’

05-05-2017 12:43

Op weg naar een circulaire toekomst voor Nederland. Hergebruik van koelwater, bouwen met recycle-materialen, kleding van resttextiel. Dat is nu echt een onderwerp dat me raakt. Toen me gevraagd werd de landelijke kickoff-bijeenkomst van de Rijksbrede agenda Nederland circulair in 2050 te leiden, kreeg ik dan ook een brede lach op m’n gezicht. Wat een  mooie opdracht!

 

En ik ging ook direct ’aan’. Want: een circulaire economie, dat betekent hergebruik van grondstoffen, geen verspilling, geen afval meer. Daar kon ik toch wel iets mee doen? In mijn kleding bijvoorbeeld? Er zijn genoeg kunstenaars die kleding ontwerpen met restafval. Het was kort dag, ik had weinig voorbereidingstijd. Maar ik ging er full speed achteraan, plaatste een oproep op Facebook, kreeg direct allerlei leuke suggesties, die ik ook allemaal onderzocht en beantwoordde. Toen stuurde Lisa Konno me een berichtje, een jonge ontwerpster, afgestudeerd in 2014 aan de ArtEZ Hogeschool voor de kunsten in Arnhem, en flink aan de weg timmerend met ‘ethische’ mode. Zij bood me aan een van haar creaties te lenen voor de bijeenkomst. Dat was precies wat ik zocht. Ik dus op 2e Paasdag naar haar atelier in Amsterdam.

 

Lisa Konno maakt haar collecties volledig met stoffen die anders zouden zijn weggegooid. Het setje dat ze voor mij klaar had hangen, een broek en blouse, was gemaakt van sjaaltjes. Van die zijdeachtige sjaaltjes die iedere vrouw wel eens koopt, om ze vervolgens in een la te laten verstoffen. Daarvan had zij een gave blouse gemaakt, die me meteen goed zat; en een broek. Maar dat was een ander verhaal! Gemaakt voor modellen, moest ik dat fragiele, gladde materiaal over m’n heupen zien te krijgen zonder de stof te beschadigen. Het zweet brak me uit, maar het lukte. Ik wist wel: als ik die broek eenmaal aan had morgen, kon ik hem niet gemakkelijk weer uit doen. Weinig eten en drinken dus. Maar het was precies de kleding die ‘paste’, apart, maar niet zó opvallend dat ik ermee op de voorgrond zou staan.

 

Het zorgde voor een leuke opening van de bijeenkomst. Ik kon duidelijk maken dat ik het ongelofelijk leuk vond hier dagvoorzitter te zijn, mede omdat het onderwerp me bijzonder aansprak. En dat ik daar dus iets mee had willen doen. Ik kon het verhaal van mijn outfit vertellen. Dat ik van mijn eigen kleding niet goed wist of het wel duurzaam geproduceerd was, en dat een jonge ontwerpster mij deze kleding te leen had gegeven, alles gemaakt van resttextiel. Ik hoorde direct positieve geluiden, mensen waren verrast en waardeerden mijn gebaar.

 

Het werd een mooie dag. Niet de honderd mensen die de organisatie aanvankelijk verwacht had, maar 550 deelnemers hadden zich aangemeld. Het was wel duidelijk dat dit onderwerp mensen raakte, er was enorme betrokkenheid. Ik voelde me als een vis in het water, iets leuks doen in korte tijd geeft een stoot energie. En bij een onderwerp als dit  voel ik mij extra uitgedaagd iets extra’s te doen, en ik geniet ervan. Dit was de eerste van meerdere bijeenkomsten, en ik mag samen met de opdrachtgever door! Dat wordt nog spannend. Want ja …, wat zal ik dan de volgende keer aantrekken? 

 

reacties  0 reacties reageren